Bijbel over oorsprong

Bijbel over oorsprong

De natuurwetenschap heeft grenzen en kan over de oorsprong van de materie en het leven niet zoveel zeggen. De wetten die wij hebben ontdekt in de schepping gaan allemaal over een bestaande toestand en niets over het ontstaan van de materie. Zo kennen we een wet van behoud van materie en energie: die past helemaal niet bij het ontstaan ervan.

Het is dus helemaal niet zo vreemd om te rade te gaan bij Degene die er echt bij was toen alles ontstond: de Schepper. De Bijbel informeert ons over het begin en doet dat zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament. Dat wij daarvan niet alles begrijpen, is vrij logisch: ons verstand is beperkt - anders dan dat van de Schepper. Die almachtige God kan ons heel goed vertellen hoe het allemaal begon - en ook hoe en waarom het zo fout is gegaan.

Deze pagina vertelt de basics van de discussie, de links leiden naar artikelen (o.a. uit Focus op de Bijbel) en websites die meer uitleggen.

Zie ook de pagina's over Oorsprong.

Voor de (wetenschappelijke) argumenten voor (theïstische) evolutie zie BioLogos?

 

Een aantal vragen op een rij

Verschillende zaken spelen een rol als we willen nadenken over de verhouding tussen de Bijbel en de (natuur)wetenschap, o.a.:

  • Hoe lezen we de Bijbel? Welke genres zijn er, is Genesis historisch?
  • Wat vertelt het Oude Testament aan ons over de Schepping en over God?
  • Wat is het getuigenis van de Heer Jezus over het eerste begin?
  • Wat vertellen de apostelen ons hierover?
  • Welke effecten heeft als we Genesis 1-11 niet historisch lezen?

In verschillende artikelen wordt daar dieper op ingegaan (zie de links), op deze pagina staan enkele hoofdlijnen.

LINKS:

  1. Over Gods grootheid in de Schepping (vanuit Rom.1)
  2. Psalm 33 zegt het: Hij sprak en het was er!
  3. Een artikel over de houding van een christen in de wetenschap: In de voetsporen van Kepler.
  4. Hoe kerkvaders over evolutie dachten.
  5. Is evolutie meer ideologie dan theorie?
  6. De klassieke vraag: wat is waarheid?
  7. Studie van relevante Bijbelgedeelten op creabel.be

Aanbevolen boeken:

  1. Oorspronkelijk (Mart Jan Paul)
  2. Waar komen wij vandaan is de eenvoudiger versie
  3. Adam, waar ben je? (Willem J. Ouweneel)
  4.  

Het perspectief van de Bijbelschrijvers

Wat wisten de Bijbelschrijvers? Welk wereldbeeld hadden ze? Geloofden ze dat de Aarde plat was of juist niet? Heeft God zich aangepast aan ons denkvermogen? Hierop worden verschillende antwoorden gegeven:

  1. Bijbel en wetenschap passen naadloos bij elkaar: ze stemmen overeen (dat heet concordisme) en de Bijbel heeft daarbij altijd gelijk. Alles wat we in de Bijbel lezen, klopt natuurwetenschappelijk. Als het niet lijkt te kloppen, dan ontdekken we dat nog wel.
  2. Bijbel en wetenschap spreken een heel verschillende taal, omdat ze over verschillende zaken spreken, vanuit een verschillend perspectief. Wat in de Bijbel staat, hoeft niet overeen te stemmen met wat de natuurwetenschap ons leert. De Bijbel heeft een theologische inhoud en als we iets lezen wat niet overeenstemt met wat de natuurwetenschap ons leert, moeten we de Bijbel blijkbaar anders lezen. We noemen dat perspectivisme.

Beide visie lijden aan hetzelfde euvel. Ze denken namelijk dat feitelijk juist ook betekent dat dezelfde wetenschappelijke taal wordt gebruikt. Maar dat is niet zoals het in het dagelijks leven toegaat. We spreken immers (nog steeds) gewoon over zonsopgang e.d.. Dat is het perspectief van de waarnemer, wat niet betekent dat je ook denkt dat de zon om de aarde draait. Je waarneming is niet fout en kan in de rechtszaal gewoon worden gebruikt.

 

Het perspectief van de waarnemer

De Bijbelschrijvers schreven vanuit dat perspectief van de waarnemer. Het doel was steeds om een bepaalde boodschap over te brengen (en dan zijn niet alle feitelijke details belangrijk), maar de vermelde feiten zijn wel juist. De Bijbel schrijft wel historisch juist, maar niet volledig en niet in wetenschappelijke taal: het Boek is geschreven voor alle mensen, in voor alle mensen begrijpelijke taal. De boodschap van de Bijbel (de theologische inhoud) is nauw verbonden met de feiten en daarin ook verankerd.

Dat blijkt heel duidelijk in het NT: zonder echte opstanding is ons geloof zonder inhoud, zegt Paulus (1Kor.15:16). De discipelen prediken in Handelingen steeds over de opstanding, omdat de Heer Jezus ook echt is opgestaan - Hij laat zich na Zijn opstanding bewust aanraken om duidelijk te maken dat Hij geen geest is (Luk.24:39).

Net zo is het boek Genesis historisch: het vertelt ons over de keus van God voor Abraham, Izaak en Israel en laat ons zien hoe het volk Israel in Egypte terecht is gekomen. In Exodus volgt dan de uittocht, in Jozua de intocht in Kanaan - de hele godsdienst van Israel is gebaseerd op deze historische feiten. De eerste elf hoofdstukken vertellen ons waar Abraham vandaan komt, waar alle volken vandaan komen, waar de zonde vandaan komt: Genesis 12-50 wortelt in Genesis 1-11 en de verteltrant is in principe niet anders - door het hele boek heen.

Wat maakt het uit?

Waarom is het zo belangrijk Genesis 1-11 als echt gebeurd beschouwen? Wat is er tegen om het niet te doen, te denken dat schepping door evolutie plaats vond?

  • We hebben het hele getuigenis van de Bijbel tegen ons.
  • God is betrouwbaar: dat blijkt uit Zijn handelen en uit Zijn spreken. Als we Hem niet kunnen vertrouwen m.b.t. het begin, hoe dan verder nog?
  • Als Hij de mens niet geschapen heeft zoals in Gen.1+2 maar uit een groep mensen heeft uitgekozen (zoals Hij dat bij Abraham ook deed): waarom heeft Hij dat dan niet tegen ons gezegd? Waarom moeilijk doen als het makkelijk kan?
  • Als de the├»stisch evolutionisten gelijk hebben, hebben alle gelovigen (Joden en Christenen) het al die eeuwen fout gehad. Hebben we echt theologen nodig om dit te begrijpen? Zijn wij allemaal zo dom geweest?
  • De trits schepping-zondeval-verlossing verliest zijn betekenis als de eerste twee niet echt hebben plaatsgevonden.
  • God overziet aan het einde van de scheppingsweek Zijn hele werk en zegt dat het zeer goed was. Dat past niet bij een evolutieproces met vanaf het begin dood en strijd om het bestaan. Die laatste twee zijn er pas gekomen na de zondeval - niet daarvoor.
  • De schepping vindt volgens de Bijbel plaats door te spreken (momentaan). Hoewel in de Bijbel genoeg processen zijn te zien, geldt dat voor de schepping zeker niet.
  • De Bijbel grondt huwelijk, de komst van de Messias en de toekomst heel duidelijk in de eerste hoofdstukken van Genesis. Als we het begin niet letterlijk moeten lezen, waarom het einde dan wel?
  • De aardlagen getuigen voor een groot deel van Gods oordeel. De zondvloed wijst op het komende oordeel. Dat ontkennen we als we de vloed ontkennen. Een lokale vloed maakt God tot een leugenaar, want Hij heeft beloofd dat zoiets nooit meer zal gebeuren (Gen.9:9,10).
  • Het is opvallend hoe oneens de alternatieve lezers het zijn en hoe mager hun exegese is ...

Genres in de Bijbel - hoe lees ik?

Bijbelschrijvers schrijven op verschillende manieren, soms meer feitelijk, soms dichterlijk, soms profetisch en soms gebruiken ze meer symbolische taal.

  • De historische boeken vertellen wat er is gebeurd, op een feitelijke manier. Dat wil niet zeggen dat ze alle feiten weergeven - soms zouden we meer willen weten. De boeken van Mozes en Jozua t/m Kronieken zijn in deze stijl geschreven.
  • Dichterljke taal ziet er in de Bijbel anders uit dan wij gewend zijn. De Psalmen maken vaak gebruik van parallelisme: de eerste regel wordt op een andere manier herhaald of er komt juist een tegenstelling. Denk aan: Hij sprak en het was er, Hij gebood en het stond er (Psalm 33:9) of: De Heere kent de weg van de recht-vaardigen, maar de weg van de goddelozen vergaat (Psalm 1:6). Deze taal wil trouwens niet zeggen dat er geen juiste informatie gegeven wordt.
  • Profetische boeken gebruiken vaak dichterlijke taal, maar ook vaak symbolische taal. Die taal is veelal makkelijk te herkennen: het Medisch-Perzische rijk wordt als een beer beschreven, de Heer Jezus als het Lam en als een Leeuw. Die symbolische taal beschrijft wel een werkelijkheid: de geitenbok in Daniel 8 laat zien hoe Alexander de Grote een groot deel van de wereld zou veroveren.

De Bijbel kan vaak op een aantal niveau's gelezen worden. Dat wisten dat kerkvaders al. Als die de zes scheppingsdagen allegorisch uitlegden, was dat een extra betekenis-laag: de historische betekenis bleef voor hen gewoon staan. Veel Bijbelgedeelten hebben zeker drie lagen:

  1. De historische laag: dit is er gebeurd. Opgeschreven is dan wat van belang is voor het vervolg. Denk aan het Pascha: dat is nauw verbonden met de bevrijding van Israel uit Egypte.
  2. De geestelijke betekenis: voor mij of voor de hele kerk, wat kunnen wij er van leren? Deze betekenis wortelt in de historische laag. Het Pascha vertelt mij dat ik achter het bloed van het Lam mag schuilen. Dat vieren we bij het avondmaal.
  3. Een profetische betekenis: wat betekent dit voor de toekomst? Soms is een deel daarvan al vervuld. Bij het Pascha is dat zeker het geval, namelijk bij het sterven van de Heer Jezus.

Het getuigenis van het Oude Testament

Zoals gezegd wortelt de hele geschiedenis van Israel - en eigenlijk de hele heils-geschiedenis - in Genesis 1-11. Laten we ook enkele OT boeken laten spreken:

  • Als de Tien Geboden gegeven worden, wordt de Sabbath gegrond in de schepping in zes dagen (Ex.20:8).
  • Kronieken begint bij Adam - net als het geslachtsregister in Lukas 3.
  • God vraagt Job: waar was je, toen Ik de aarde grondvestte? (Job 38:4). Hij spreekt daarna ook over de grote dieren zoals de Behemoth en de Leviathan: dat zijn schepselen die ons doen denken aan Dinosaurussen.
  • De Psalmen spreken een aantal malen duidelijk over de schepping: lees bijvoorbeeld Ps.8, 33:6,9, 103:2, 136:5 en 148:5.
  • Jesaja spreekt heel veel over de HEERE als Schepper, vooral in H 40-48 tegenover de afgoden en als reden om op Hem te vertrouwen.

Het getuigenis van het Nieuwe Testament

Het is opmerkelijk hoe Jezus en de apostelen over de schepping spreken. Een selectie maakt het punt duidelijk:

  • Johannes 1 gaat terug naar voor het eerste begin en maakt duidelijk dat Jezus het vleesgeworden Woord van God is: Hij is eigenlijk de Schepper Zelf. Dat wordt bevestigd in Kol.1 en Hebr.1.
  • Een aantal malen spreekt Jezus over het begin, met gezag en alsof het echt is gebeurd - Hij was er Zelf bij! Zie o.a. Mat.19:4-6 en Mat.24:21.
  • Jezus handelen bevestigt dat Hij de Schepper is. Meermalen geneest Hij door slechts een woord te spreken (o.a. Mat.8:8, Mark.7:34, Joh.2:1-11, Joh.4:50, Joh.5:8-9 en Joh.11:43,44).
  • Paulus baseert een deel van zijn leer op de historische gebeurtenissen: Adam was de eerste mens, Eva werd verleid, Adam zondigde en bracht de zonde en daardoor de dood in de wereld. Zie Hand.17:26, Rom.5:12-20, 1Kor.15:45-49, 1Tim.2:13,14.
  • Petrus spreekt over de schepping en de zondvloed in verband met het komende oordeel: 2Petr.3:5-7.
  • Hebr.11:3 bevestigt dat de schepping door het Woord heeft plaatsgevonden - de dingen die we zien, zijn niet ontstaan uit wat we kunnen waarnemen.

KEPLER-SCIENCE

KEPLER-SCIENCE